Interieur · Living

Japandi, maar dan warmer

Japandi blijft, maar wordt persoonlijker. De strakke soberheid van de eerste jaren maakt plaats voor licht hout, zachte tinten en ruimte voor het onvolmaakte. Zo breng je de stijl in huis zonder dat het een showroom wordt.

nina 26 juli 2026 1 min lezen
Japandi, maar dan warmer

De kruising tussen Japanse eenvoud en Scandinavische warmte is inmiddels geen trend meer, maar een blijvende stroming. Wat wél verschuift: Japandi wordt zachter. Waar de stijl eerst nog leunde op donker hout en strenge lijnen, zie je nu lichte eiken, ronde vormen en een palet van zand, klei en warm grijs. Minder streng, meer geleefd.

Begin bij het hout

Licht, mat hout is de basis. Kies één of twee houten stukken met een zichtbare nerf: een bijzettafel, een kruk, een lage kast en laat die het karakter van de kamer bepalen. Vermijd hoogglans: hoe matter de afwerking, hoe rustiger het geheel.

Japandi draait niet om leegte, maar om de juiste dingen op de juiste plek.

Rond verzacht recht

Het geheim van de warmere Japandi zit in de vormen. Zet naast strakke lijnen bewust iets ronds: een ronde bijzettafel, een gebogen lamp, een organisch gevormde vaas. Die combinatie van recht en rond geeft een kamer evenwicht zonder dat je er één kleur voor nodig hebt.

Laat het onvolmaakte staan

De Japanse kant van Japandi - wabi-sabi - waardeert het onvolmaakte. Een handgemaakte schaal met een ongelijke rand, hout dat mag verkleuren, een steen met een grillige ader. Precies die kleine oneffenheden voorkomen dat een minimalistisch interieur steriel wordt. Kies liever één ding met een verhaal dan drie dingen zonder.

Scroll naar boven