De meeste dierenspullen zijn ontworpen voor de dierenwinkel, niet voor de woonkamer: felle kleuren, prints, glanzend plastic. Maar dat is een keuze, geen gegeven. Behandel de spullen van je huisdier zoals je elk ander object in huis behandelt (kies op materiaal, kleur en vorm) en het onderscheid tussen "dierenspullen" en "interieur" verdwijnt vanzelf.
De mand als meubelstuk
De mand is het grootste stuk, dus daar begint het. Kies een model in dezelfde stoffen die toch al in je kamer liggen: teddy, bouclé of een geweven stof in zand, taupe of beige. Zo wordt de hondenmand een verlengstuk van de bank in plaats van een vlek ernaast. Geef hem bovendien een vaste plek (naast de bank of onder het raam) net als elk ander meubelstuk.
Kies de spullen van je huisdier op materiaal en kleur, en het woord "dierenspullen" verdwijnt vanzelf.
Voerbakken in de juiste materialen
De voerhoek is vaak de grootste stoorzender: plastic bakken in primaire kleuren op een kale vloer. Vervang ze door keramiek op een houten of bamboe standaard dezelfde materialen die we overal in huis omarmen. Zet er eventueel een wasbaar matje onder in de kleur van de vloer, en de voerplek wordt een stilleven in plaats van een obstakel.
Speelgoed: zichtbaar opbergen
Speelgoed slingert: dat hoort erbij. De oplossing is geen strengere opvoeding, maar een mooie mand. Een gevlochten opbergmand van katoen, jute of zeegras in een hoek van de kamer maakt opruimen één beweging, en oogt ondertussen als decoratie. Kies een model zonder deksel op hondenhoogte: dan kan je hond er zelf bij, en blijft de rest van de kamer leeg.
Eén palet voor iedereen
De rode draad is simpel: laat de spullen van je huisdier meedraaien in het kleurenpalet van de kamer. Een taupe mand op een beige vloerkleed, een grijze keramische voerbak naast een eiken kast. Je huisdier ziet het verschil niet, maar jij ziet het elke dag.